Het is 18.00 uur als we aankomen bij de Zanzibarhaven in Amsterdam.
Het is roetravendonker en het wacht stevig. Het MVS Armira ligt al op het nachtsteiger. Eenmaal op de loopbrug aangekomen zie ik dat de afstand tussen het steiger en het schip ruim 1 ½ meter is. Dat gaat mij niet lukken zegt mijn vrouw die me wegbrengt, daar is het mij te donker voor. In eindelijk heb ik met de schipper – Rien van Veen- contact gehad en die komt me ophalen. Ik heb dan al afscheid genomen van mijn vrouw, die bewust niet mee wil omdat dit mijn weekend moet worden. Rien hangt een buitenboord trapje aan het bestek en neemt mijn bagage aan, en dan waag ik de stap, zelfs na 40 jaar is dat nog niet veranderd, je leert het nooit af. Eén grote stap, het trapje tegen 3 schepen en 3 treetjes verder ben ik aan boord.
Ik word allerhartelijkst ontvangen en het is een fijne kennismaking. Allereerst werd me mijn hut gewezen. Dat kon je wel een salon noemen. Een zeer luxe uitstraling, er was airco, een badkamer en toilet, zoals aan de wal, een klein keukenblokje met koffiezetapparaat, tv, een bureau, hangkast, zeer compleet. Ook was er net als aan de wal “gewoon” wifi. Dus

.

ik hoefde niets te ontberen
Maar eerst koffie met Rien en Willeke. Na de koffie ben ik mijn koffertje uit gaan pakken. En een klein half uurtje later hoorde ik een kreet waar ik mijn voornaam in meende te herkennen. “Kom je een biertje drinken?” Was de vraag. Ja dat gaat er wel in. Rond 23.00 uur was het bedtijd wilt om 06.00 uur moest er geladen worden. Kolen voor Marl.
Wat ik nog niet meegemaakt had in mijn varend bestaan ​​was het gebruik van “Spudpalen” op een binnenvaartschip. Ik kende ze wel maar dan alleen op werkschepen. Maar hier werden ze toegepast. Je lag er wel heel erg rustig door. Je lag muurvast.
0m 06.00 uur werd er verhaald naar het laadsteiger. Ik werd wakker van het geschreeuw van het schip, veroorzaakt werd door de grote gebeurtenis die de mega bulldozers in het schip gooiden.
Een handzaam kraantje zorgde voor de verdeling. Op de voormast kon je zien van het schip over sb of over bb lag. Dat werd aangegeven door een rood licht aan bb en een groen licht aan sb. Na 2 uurtjes geladen zat er ruim 2250 ton in lagen van 2,70 meter. Dit is de maximale diepgang op de Duitse kanalen. De ijk werd nog wel ouderwets genomen buitenboord door de ijkmeester maar Rien wist al lang hoeveel we aan boord hadden. Die had dit op zijn laaddisplay al gezien.
Om 08.30 uur Amsterdam en dan het Amsterdam-Rijnkanaal op. Intussen had ik ontbeten. Willeke kookt koolhydraatarm, en mijn ontbijt was een heerlijke smoothie en 2 gekookte eitjes. Dit was voor mij totaal iets nieuws en vond er ook helemaal niets mis mee. Willeke is op dit gebied een ware tovenares. Ik heb gedurende de reis heerlijk gegeten, wat een geweldige kookkunsten werden er vertoond en bedoelde gegeten.

Aan het eind van de middag bereikten we, na eerst in Wijk bij Duurstede te hebben geschut, sluis Tiel. Na het uitvaren geleid we de Waal op richting Wesel. Bij zonsondergang bereikten we Nijmegen. En Rien vertelde dat er elke dag bij zonsondergang op de nieuwe brug bij Nijmegen een “Sunset March” werd gehouden. De verlichting van deze nieuwe brug is heel speciaal. Er staan ​​48 paren lichtmasten op de brug. Die 48 paren staan ​​voor de 48 omgekomen geallieerden tijdens de oversteek daar op de Waal tijdens WO II. Rond het tijdstip van zonsondergang worden deze lichtmasten, paar voor paar, na elkaar ontstoken in het tempo van een trage mars. Elke avond, als het eerste paar lichtmasten wordt ontstoken, loopt een veteraan de Sunset maart mee in het tempo Weergave de lichten aangaan.
Ik had hier nog nooit van gehoord en vele met mij, denk ik. Wij zagen dan ook de lichten paarsgewijs aan gaan. Een bijzondere ervaring was dit. Voor wie meer wil weten: https://www.sunsetmarch.nl/
Voorbij Millingen werd er gebunkerd en bij Lobith was het feierabend, het schip werd op de spudpalen geparkeerd en wij lagen “in Abrahams schoot” zoals een oude kapitein van mij ons dit altijd zei. Toen ik in de woning bij Rien en Willeke was zei Willeke dat Rien de schroefas enorm moest zetten, daar zij er laatste van had met slapen. “Ga je zelfs mee de machinekamer in?” Vroeg Rien. Natuurlijk dat was niet aan dovemans oren gezegd. Ik wilde eerst mijn sloffen aandoen, maar dat was niet nodig. Hier kon je op je sokken de machinekamer in !!!! Nog nooit meegemaakt op je sokken de machinekamer in, in mijn tijd kwam je er smeriger uit dan dat je er in ging.

Ook rook je hier aan boord totaal geen diesel lucht. Dat kwam omdat de motoren lopen op: GTL gewijzigd. GTL is de afkorting voor Gas To Liquid (van gas naar vloeibaar). Het is de vloeibare dieselbrandstof die op synthetische wijze wordt geproduceerd uit aardgas. Dit is milieuvriendelijk en geeft minder schadelijke uitstoot. Zeker omdat Rien ook nooit vol vermogen draait met zijn 1836 pk. Hij draait gemiddeld 55% van het vermogen en dat komt dan neer op een verbruik van +/- 170 liter p / uur, in plaats van ruim 310 liter bij vol vermogen. Weer terug in de woning ging Rien verder met het programmeren van zijn draadloze afstandsbediening van het model Armira. Dit viel nog niet mee, maar na een hoop vijven en zessen was het hem tocht gelukt. in plaats van ruim 310 liter bij vol vermogen. Weer terug in de woning ging Rien verder met het programmeren van zijn draadloze afstandsbediening van het model Armira. Dit viel nog niet mee, maar na een hoop vijven en zessen was het hem tocht gelukt. in plaats van ruim 310 liter bij vol vermogen. Weer terug in de woning ging Rien verder met het programmeren van zijn draadloze afstandsbediening van het model Armira. Dit viel nog niet mee, maar na een hoop vijven en zessen was het hem tocht gelukt.
Om 06.00 uur was het weer palen op, in plaats van anker op, en werd er verdere gevaren. Veel was er voor mij na 40 jaar niet veranderd. Aan de wal was er het eea bijgebouwd afgesloten gesloopt. Alleen de techniek had niet stilgestaan. Rien vertelde dat het grootste gedeelte van het schip, door beeldschermen bediend wordt. Dit was voor mij wel bijzonder, het laatste schip waar ik op gevaren heb was goed uitgerust met autopiloot maar verder was er niets. We stonden toen aan het begin van de automatisering, dat was in 1988.
Wat later op de dag mocht ik zelf een poosje vasthouden, dwz sturen. Of ik nooit weggeweest was, het gevoel was er nog steeds, een bochtje varen: GEWELDIG!


En dan het kanaal op de sluizen zijn 12 meter en de Armira is 11.45 meter. Dus dat is een precisie karweitje. Wij waren vroeger 9,50 meter breed, dus ruimte over. Nu maar 25 cm aan elke kant.
Rien vaart dan ook op de camera’s van het schip de sluis in. Aan beide zijden hangen de schuifhoutjes –wrijfhouten- om eventuele klappen netjes op te vangen.
Na drie sluizen bereikten we Marl en kon er de volgende ochtend gelijk begonnen worden met lossen. Inmiddels was er ook weer een reis met cokes aangenomen van Bottrop naar Rotterdam. Naar de EMO dat ligt dan ter hoogte van Hoek van Holland, maar goed daar heet dan Rotterdam, maar is wel op de Maasvlakte.
Na het lossen voeren we richting Bottrop, en op de Rijn bij Götterswickerhamm vroeg ik aan Rien van de ooievaar nog steeds op de watertoren daar stond. Daar had hij nog nooit van gehoord. Die ooievaar werd me toegewezen op één van mijn eerste reizen op de Rijn, in 1968. En ja hoor hij staat er nog steeds rossen. Rien en Willeke hadden er nog nooit van gehoord.

Maandag aan het eind van de middag zijn we aangekomen in Bottrop en daar ben ik gekocht door mijn lief. Na een GEWELDIG lang weekend gehad te hebben op de Armira, en niet te vergeten de GEWELDIGE kookkunsten van Willeke.